Condoleance bij het overlijden van een kind


بِاسْمِهِ ۞ وَاِنْ مِنْ شَيْءٍ اِلاَّ يُسَبِّحُ بِحَمْدِهِ
بِسْمِ اللّٰهِ الرَّحْمٰنِ الرَّحِيمِ

[1]وَبَشِّرِ الصّابِرِينَ ۞ اَلَّذِينَ اِذَا اَصَابَتْهُمْ مُصِيبَةٌ قَالُوا اِنَّا لِلّٰهِ وَاِنَّا اِلَيْهِ رَاجِعُونَ

[2]اَلْحُكْمُ لِلّٰهِ

Jezelf schikken naar de wil van Allah en jezelf overgeven aan Zijn bepaling is een kenmerk van de Islam. Moge Allah de Rechtvaardige jullie de mooiste vorm van geduld verlenen! Moge Hij de overledene tot een behulpzame bemiddelaar voor jullie in het hiernamaals maken! Teneinde jullie en andere oprechte gelovigen die zich in dezelfde toestand als jullie bevinden een hoogwaardige en goed nieuws te verkondigen en een waarachtige troost te tonen, zullen wij hier ‘vijf punten’ uiteenzetten.

Het eerste punt

Het vers [3]وِلْدَانٌ مُخَلَّدُونَ in de Kuran wordt als volgt verklaard:
De kinderen van gelovigen die sterven voordat zij de leeftijd des onderscheids hebben bereikt, zullen in het paradijs continu als lieve kinderen met een waardig uiterlijk geschikt voor het paradijs verblijven. Zij zullen op de schoot van hun ouders, die het paradijs binnentreden, een eeuwige aanleiding tot vreugde vormen. Dat wil zeggen dat zij voor hun ouders een bron van de meest tedere gevoelens, zoals de liefde voor een kind en liefkozingen, zullen vormen. Aangezien iedere vorm van vreugdevolle genieting zich in het paradijs bevindt, zijn de beweringen van degenen die zeggen dat er in het paradijs geen kinderliefde en geen liefkozingen mogelijk zijn, omdat het geen plaats is voor voortplanting en verwekking, niet op waarheid gebaseerd. Bovendien is het verwerven van miljoenen jaren zuivere en pijnloze kinderliefde en liefkozingen van een eeuwig kind, in plaats van een korte periode van ongeveer tien jaar waarin zij hun kind liefhebben en liefkozen, een bron van immense vreugde voor de gelovigen. Een periode die ook nog eens gepaard gaat met allerlei leed van deze wereld. Daartoe verschaft de uitdrukking وِلْدَانٌ مُخَلَّدُونَ in het eerbiedwaardige vers ons een aanwijzing en een goed nieuws.

Het tweede punt

Er was eens een man die in een gevangenis zat. Een van zijn geliefde kinderen werd naar hem toegestuurd. Die arme gevangene had naast zijn eigen leed ook nog het leed van de zorg om zijn kind, dat hij niet van prettig verblijf kon voorzien. Toen stuurde de barmhartige heerser een man naar hem toe, die tegen hem zei: “Hoewel dit kind van jou is, behoort het ook tot mijn onderdanen en maakt het deel uit van mijn volk. Ik neem het mee en laat het verzorgen in een mooi paleis.” De man begon te huilen en te smeken: “Ik sta mijn bron van troost, mijn kind, niet af.” Hierop zeiden zijn medegevangenen tegen hem: “Jouw verdriet is onzinnig. In plaats van medelijden met het kind te hebben, kan jij beter bedenken dat hij niet langer in deze vieze, stinkende, benauwde gevangenis behoeft te verblijven. Hij zal in een paleis terechtkomen en zal daarbinnen blij en gelukkig worden. Indien jij medelijden hebt met jezelf en uit eigen belang handelt, en indien het kind hier bij jou blijft, heb jij daar misschien kortstondig een twijfelachtig voordeel van, maar zal jij vanwege de moeilijkheden die het kind hier doormaakt zelf ook veel leed en ellende meemaken. Indien hij naar het paleis gaat, dan zal jij duizend voordelen hebben. Hij zal immers de genade van de padishah aantrekken en voor jou als bemiddelaar optreden. De padishah zal wensen dat jouw zoon jou weer ziet. Zeer zeker zal hij hem niet naar de gevangenis sturen opdat jullie elkaar kunnen ontmoeten, maar hij zal jou uit de gevangenis laten halen en naar zijn paleis laten brengen om jullie daar met elkaar te verenigen; dit alles onder voorwaarde dat jij op de padishah vertrouwt en hem gehoorzaamheid betoont.”
Evenals in deze gelijkenis zouden gelovigen, wanneer een kind van hen overlijdt, als volgt moeten denken: “Dit kind is zondeloos, zijn Schepper is bovendien genadevol en vrijgevig. Hij heeft hem, in plaats van mijn gebrekkige voorzorgen en tederheid, Zijn volmaakte genade en barmhartigheid geschonken en hem tot Zich genomen. Ook heeft Hij hem uit een ellendige, rampzalige, lastige tranendal gehaald en naar een tuin in Zijn paradijs geleid. Hoe gelukkig is dan toch dit kind! Wie weet wat er van hem was geworden als hij op deze wereld was gebleven. Daarom heb ik met hem geen medelijden, want ik weet dat hij gelukkig is.”
Wat mezelf en mijn eigen voordeel betreft, rest mij op te merken dat ik eveneens geen medelijden met mezelf heb, niet treurig en niet bedroefd zal worden. Indien hij op de wereld was gebleven, dan zou hij mij tien jaar een voorbijgaande kinderliefde, vermengd met ellendige zorgen, hebben geschonken. Indien hij een rechtschapen persoon was geworden en succesvol was geweest in zijn leven, dan zou hij mij waarschijnlijk hebben geholpen. Maar met zijn overlijden wordt hij voor mij een bemiddelaar voor een bron van kinderliefde in het eeuwige paradijs en voor een eeuwigdurende gelukzaligheid. Iemand die een twijfelachtig en ogenblikkelijk voordeel verliest en daarvoor in de plaats op de lange termijn duizend onbetwijfelbare voordelen verkrijgt, zal geen verdriet tonen en niet wanhopig jammeren.

Het derde punt

Het overleden kind was een schepsel, een dienaar en met al zijn ledematen en zintuigen een kunstwerk van Khalik-i Rahim; hij behoorde tot Hem en was als een vriend aan de ouders gegeven en voor een korte tijd voor de begeleiding en de verzorging overgedragen. Vader en moeder waren aan het kind ter beschikking gesteld. In ruil voor hun diensten gaf Hij hen, bij wijze van onmiddellijke beloning, een genotvol gevoel van shefkat.
Wel nu, indien Khalik-i Rahim, Die van de duizend aandelen van het kind er negenhonderdnegenennegentig bezit, als een resultaat van Zijn barmhartigheid en Zijn wijsheid dit kind bij jou weghaalt en jouw zorg ontneemt, dan is het stuitend en onbetamelijk van een gelovige indien hij, vanwege dat ene schijnbare aandeel, tegenover de werkelijke eigenaar van alle duizend aandelen uit wanhoop jammert en met verdriet beklaagt. Veeleer komt dit gedrag voor bij de godvergetenen, degenen die zich op dwaalwegen bevinden.

Het vierde punt

Indien de wereld eeuwigdurend zou zijn en ook de mens daarin eeuwig zou kunnen leven en ook de scheiding eeuwig zou zijn, dan zouden ellende, pijn en hopeloze droefheid hun betekenis hebben. Aangezien deze wereld een gastverblijf is, zullen zowel jij als wij naar hetzelfde oord vertrekken als waarheen het overleden kind sinds kort is vertrokken. Bovendien is de dood niet alleen voor jouw kind bestemd, maar een weg die iedereen zal bewandelen. Aangezien nu de scheiding niet eeuwig is, zullen wij elkaar later zowel in alem-i berzah als in het paradijs terugzien. Men dient اَلْحُكْمُ لِلّٰهِ en “Hij heeft gegeven en Hij heeft genomen, en alle lof zij Allah, in iedere situatie” te zeggen en in geduld dankbaarheid te tonen.

Het vijfde punt

Shefkat is te midden van de verschijningen van de goddelijke barmhartigheid een van het mooiste, meest subtiele, meest aangename en meest behaaglijk verlichtende elixer. Het is een middel om zich snel tot Allah toe te wenden. Zoals vergankelijke en wereldse liefde na zeer veel moeite in ware liefde verandert, waarmee jij Allah de Rechtvaardige vindt, zo verbindt shefkat zonder moeite het hart met Allah de Rechtvaardige op een nog kortere, nog zuivere wijze.
Zowel de vader als de moeder houden boven alles in de wereld van hun kind. Wanneer dan hun kind hun ontnomen wordt en zij oprechte gelovigen zijn, dan wenden zij hun gezicht van de wereld af en vinden dan de Mun'im-i Hakiki. En zij zeggen: “Aangezien het leven in de wereld dus vergankelijk is, is het niet de moeite waard de wereld in ons hart te sluiten.” Eveneens ontstaat bij hen de neiging om daar, waar hun kind naartoe is gegaan, te vertrekken. Zo bereiken zij een houding van sterke geestkracht.
Mensen die in godvergetelheid voortleven en zich op dwaalwegen bevinden, zijn van deze vijf waarheden uitgesloten. Vergelijk daarmee eens hoe ellendig hun situatie is!
Een oudere dame ziet haar enige, zeer geliefde kind op diens sterfbed. Omdat zij zich deze wereld in haar godvergetelheid en in haar dwalingen als eeuwig inbeeldt, verschijnt de dood aan haar als non-existentie, als eeuwige scheiding en stelt haar kind voor in zijn graf in plaats van in zijn zachte bed. In haar godvergetelheid en afdwaling denkt zij niet aan het paradijs en aan de barmhartigheid van Erhamurrahimin. Op deze wijze kan jij enigszins begrijpen en beseffen op welke graad van hopeloosheid zij aan pijn en aan droefheid lijdt.
Echter, de iman en de Islam, die de middelen tot gelukzaligheid van beide werelden zijn, spreken tot de gelovigen: “De Genadevolle Schepper van dit kind dat op zijn sterfbed ligt, zal hem van deze vergankelijke wereld verlossen en naar Zijn paradijs leiden. Hij zal eveneens het kind voor jou zowel tot bemiddelaar als in alle eeuwigheid tot jouw kind maken. Dit afscheid is tijdelijk, maak daarom geen zorgen! Zeg اَلْحُكْمُ لِلّٰهِ ۞ اِنَّا لِلّٰهِ وَاِنَّا اِلَيْهِ رَاجِعُونَ en wees geduldig!”[4]

Footnotes

  1. ^ “Geef het goede nieuws aan de geduldigen! Degenen die, wanneer hen rampspoed treft, zeggen: “Wij behoren aan Allah en tot Hem keren wij terug.” - De Kuran 2:155-156
  2. ^ "Het oordeel behoort Allah toe." - De Kuran 40:12
  3. ^ “Eeuwig jeugdige jongeren.” – De Kuran 76:19
  4. ^ Bediuzzaman Said Nursi, De Brieven p. 129-133
Vragen en Islam 28 May 2020 12
www.vragenenislam.nl
Deel