Antwoord

De vraag “Waar is iets of iemand?” kan alleen gesteld worden over een schepsel die verbonden is aan een plaats. Deze schepselen bestaan uit materie. Omdat een plaats uit materie bestaat, is hetgeen daar aanwezig is ook van materie. Over Allah, Wiens één van Zijn namen en-Nur is en Die de plaats en de materie schept, is zoiets niet denkbaar. Zelfs onder de schepselen zijn er schepselen die niet gebonden zijn aan een plaats. Een meest voordehand liggend voorbeeld is onze eigen ziel. Aangezien ruimte uit materie bestaat, bestaat alles dat afhankelijk is van ruimte ook uit materie. De Schepper van materie, dus ook van ruimte, kan niet afhankelijk zijn van hetgeen Hij gecreëerd heeft. Het geschapene is in alle gevallen afhankelijk van zijn Schepper en niet andersom. Een vraag zoals “waar” is onmogelijk voor Zijn bestaan.

Bijvoorbeeld: onze organen hebben een plek, een plaats. Daarom kunnen we de vraag stellen: “Waar zitten mijn longen?” of “Waar zitten mijn nieren?”. Maar over de ziel en zijn kenmerken en gevoelens kunnen dergelijke vragen niet gesteld worden. We kunnen bijvoorbeeld niet dergelijke vragen stellen als: “Waar is de ziel?”, “Waar zit het verstand?” en “Waar zitten de liefde, de angst en het geheugen?”

Als men in plaats van de mens als uitgangspunt te nemen, die uit materie bestaat en gebonden is aan een plaats, aan de wereld van de zielen, de engelen en de natuurwetten denkt, die in bepaalde mate niet gebonden zijn aan een plaats, dan zal er geen behoefte meer bestaan voor een dergelijke vraag.

De Kuran zegt: “Allah kent geen gelijke.”[1] Het geloof in “Allah is noch afhankelijk van tijd, noch van plaats” is één van de geloofsfundamenten Ehl-i sunnet wel-djemaat.

Tevens verduidelijkt de volgende overlevering van de profeet (saw) dat Allah noch afhankelijk is van tijd noch plaats: “Allah was er, niets was er samen met Hem.”[2]

Footnotes

  1. ^ De Kuran 42:11
  2. ^ Kenzu’l Ummal, nr: 29850
18 December 2019 85
www.vragenenislam.nl
Deel